Jongens en meisjes, dames en heren,
Ik voel mij zeer vereerd om als voorzitter van het Dagelijks Bestuur van ZuiderAmstel het woord tot u te mogen richten.
Vandaag herdenken wij
Vandaag herdenken we het feit dat in de periode 3 november 1941 tot 14 augustus 1943 de speeltuin waar wij nu staan, op last van de Duitse bezetter, was veranderd in een afgesloten marktterrein, alleen toegankelijk voor Joden. Alleen voor mensen, die hier soms met hun familie al honderden jaren in vrijheid woonden, omdat zij afstammen van hun voorouders met een bepaald geloof.
Je kunt het je nu niet voorstellen dat zoiets mogelijk is en ook toen dacht de gemiddelde Amsterdammer er zo over. En toch gebeurde het.
Het einde van de Markt voor Joden werkte door in het einde voor veel stadsgenoten want het grootste deel van de Joodse inwoners van Amsterdam en van de Rivierenbuurt in het bijzonder heeft de Tweede Wereldoorlog niet overleefd.
Onverdraagzaamheid en racisme steken
de kop weer op
Inmiddels lijkt deze donkere periode ver achter ons te liggen.
Maar denk er om, schijn bedriegt.
In toenemende mate dreigt onverdraagzaamheid en racisme de kop op te steken.
Ik noem het relaas van een leraar aan een Amsterdamse school die het onderwerp holocaust in de geschiedenisles haast niet meer durft te benoemen vanwege de racistische reacties die het oproept.
Leren van de geschiedenis
In Amsterdam hebben wij een groot probleem dat te veel jongeren zich niet verbonden voelen met de Nederlandse geschiedenis en er ook niets van willen weten. Men begrijpt niet hoe onze samenleving zich gevormd heeft in de loop van eeuwen en welke impact sommige verschrikkelijke momenten op ons heeft.
Voor velen van hen geldt dat zij ook niets weten over de geschiedenis van hun land van herkomst. Ook vanuit díe geschiedenis kan men leren dat racisme in welke cultuur dan ook niet mag wortelen.
Hier dreigt een acuut gevaar dat door de maatschappij opgepakt moet worden!
Het gevaar dreigt andersom net zo wanneer politici elkaars uitspraken over kut-Marokkanen vergoelijken of wanneer de dood erop volgt zoals bij Anja
Joos.
De herinnering levend houden
De groep mensen die de gruweldaden uit de Tweede Wereldoorlog heeft meegemaakt begint snel kleiner in aantal te worden. Onze kinderen horen steeds minder vaak verhalen van ouders of grootouders die zelf de oorlog hebben meegemaakt. Daarom is het goed dat er herdacht wordt. Enerzijds natuurlijk uit respect voor de slachtoffers maar anderzijds om erbij stil te staan dat het gevaar van racisme, discriminatie en onverdraagzaamheid altijd op de loer ligt.
Ik prijs daarom de Stichting Kindermonument dat zij jongeren zo duidelijk betrekt in haar activiteiten. En de kinderen van de Catharinaschool wil ik graag een compliment geven voor hun War Child project!
Door de herinnering levend te houden kunnen we de toekomst beïnvloeden.
Erik Koldenhof,
Voorzitter dagelijks bestuur ZuiderAmstel