Het laatste half jaar voor zijn dood zat ik vaak naast Opa
Dick in de auto, op weg naar een plek waarvan hij vond dat ik
die moest zien. Ik moest dan steeds denken aan het liedje van
Annie M.G. Schmidt. Het zong dan door mijn hoofd, terwijl ik
dacht hoe goed dat liedje bij Dick Neijssel paste.
"Stierenvechter spelen en mijn Opa was de stier".
"Inderdaad", dacht ik dan, "hij kreeg vaak een
rood waas voor zijn ogen als het rechts extremisme weer in
opkomst was". Hij zou dan het liefst Philip de Winter op
zijn linkerhoorn en Janmaat op zijn rechterhoorn willen nemen
terwijl hij Jurg Haider met zijn voorpoten in de grond trapte.
Maar kinderen zou hij nooit met zijn horens raken. Tegen hen zou
hij altijd de strijd willen verliezen.
"Van de duin afrollen en mijn Opa was de duin "
Wat een prachtig beeld. Dit was nou Opa Dick ten voeten uit.
Aan de ene kant liet hij met zich sollen. Hij was als zand in de
handen van de kinderen. Kastelen kon je met hem bouwen. Hij was
zielsgelukkig als de kinderen met hem speelden. Ik heb hem vaak
aangetroffen rollebollend met op zijn rug een aantal kinderen
die kraaiden van plezier.
Maar de andere kant van de duin keerde het tij van het
fascisme. Het fascisme dat van 1933 tot 1945 een bres had
geslagen en heel Europa had overstroomd. Als geen ander heeft
hij toen geprobeerd het gat te dichten. Maar ook daarna bleef
hij vechten voor een rechtvaardige wereld.
Nu kan hij dit niet meer actief. Hij heeft het overgegeven
aan de medewerkers van Stichting Kindermonument. Die hebben van
hem de opdracht gekregen zijn gevecht voort te zetten en alert
te blijven op het rechts extremisme dat ook in Nederland steeds
weer de kop opsteekt.
Ook al is hij nu niet meer actief, hij woont nog altijd in
mijn hoofd. Hij inspireert mij nog steeds. Ik hoop dat hij dat
nog lang zal blijven doen.
Namens Stichting Kindermonument,
Pim Heijting