We schrijven de winteravond van 24 februari in het oorlogsjaar 1941. Op de derde verdieping van de Waverstraat 67 neemt een achttal communisten de strategie van een de volgende dag uit te roepen staking door. Zij willen een eensgezinde vuist maken
tegen de Duitse jacht op de Joden. Horloges gelijkzetten, morgen om exact acht uur worden zoveel mogelijk
Amsterdammers opgeroepen het werk neer te leggen. De februaristaking bleek later één van de grootste verzetsdaden in de strijd tegen het fascisme van HitIer.
De bijeenkomst aan de Waverstraat was in het huis waar Mientje Ten Dam-Pooters met haar man en twee
onderduikers woonde.
Het groepje uit de Rivierenbuurt dat daar samenkwam, stond niet alleen bij de voorbereiding van de
februaristaking. "In de hele stad kwamen verzetslieden bijeen", vertelt
Mientje.
In 1941 telde Mientje 23 lentes en werkte ze in het confectieatelier van Maison De Bonneterie aan de
Lijnbaansgracht. Waar nu de Stopera staat, was toen een heel gezellige
Joodse wijk. In Amsterdam woonden veel uit Duitsland gevluchte Joodse gezinnen. De meeste van mijn
vriendinnen waren Joods. In de oorlog werd alles wat Joods was en om je heen
leefde weggehaald door de Duitsers. Je eigen straat werd leeggehaald. En hoe.
Opgepakt en op een kar gesmeten.
De vlakbij de Waverstraat gelegen speeltuin aan de Gaaspstraat werd in de oorlog gevorderd door de Duitsers en moest dienen als
Jodenmarkt. Mientje: "Ik liet mijn vriendin daar voor mij spullen kopen. Ook een vorm van verzet."
De druppel die de Amsterdamse gemoederen deed overlopen waren wraakacties van de Duitsers in de
Jodenbuurt bij het Waterlooplein. Na een rel in IJssalon Koco in de Van Woustraat, gerund door twee gevluchte Duitse Joden, werden meer dan
vierhonderd jonge Joodse mannen uit de Waterloopleinbuurt met harde hand naar het Jonas Daniël Meijerplein gedreven. Daar moesten zij uren gehurkt zitten met de handen in de nek.
"O wee als iemand zijn handen liet zakken. Die werd meteen neergeschoten." De jongemannen werden
gedeporteerd naar Buchenwald en Mauthausen.
"De gedachte achter de staking was de tram plat te leggen", herinnert Mientje zich. "Want die rijdt door de hele stad. Mensen zouden zich bij de haltes verzamelen,
tevergeefs wachtend op de tram." In de ochtend van 25 februari 1941 werd de staking
uitgeroepen. "Een conducteur met een grote NSB-speld probeerde toch de remise in de Lekstraat uit te rijden. Om dit te voorkomen, gingen drie mensen op de rails liggen." Eén van hen zou later
Mientjes tweede man worden.
"Zelf riep ik om acht uur 's morgens de meisjes van het confectieatelier aan de
Lijnbaansgracht op het werk neer te leggen. Normaal ben ik heel erg verlegen. Ik zou voor geen goud in het openbaar willen spreken, maar toen moest ik zo'n honderd meisjes
toespreken." Ik dacht: "Nu krijg ik ontslag. Maar de directrice stond toe dat iedereen het werk neerlegde."
De menigte die de straat op ging, riep onderweg het personeel van alle winkels en bedrijven op ook het werk neer te leggen. "Zo liepen alle winkels leeg. Degenen die niet meeliepen knikten ons
instemmend. Amsterdam ging plat. 'Naar de Noordermarkt', fluisterden we. Daar kwam iedereen samen."
Onderweg verspreidde Mientje de bekende door de CPN gestencilde 'staakt, staakt, staakt'-manifesten. "Ik kreeg een stapel pamfletten om uit te delen. Waar ze werden
gedrukt wist ik natuurlijk niet."
In een map heeft zij nog een exemplaar van het pamflet. 'Geeft dit manifest na gelezen te hebben verder door. Doe dit voorzichtig', staat er op het papier. De meeste van haar tastbare oorlogsherinneringen heeft zij geschonken aan het Verzetmuseum. De bewaarde papieren gebruikte Mientje om haar verhaal op scholen door te vertellen aan de
nieuwe generaties.
"De staking was een ongelofelijk succes. Het was echt een overval. De moffen wisten niet wat hen overkwam. Ze hebben veertien man
geëxecuteerd na de staking, waaronder Henk van de Meer die de avond van tevoren nog bij ons thuis was." Een dag later sloeg de staking ook over naar de Zaanstreek, Kennemerland en Utrecht. "Ook later in de oorlog klonken er stemmen voor een nieuwe staking, maar dat lukte niet meer."
Komende dinsdag wordt de februaristaking herdacht. Mientje is er alle jaren nog bij geweest. "Om de mensen bij elkaar te houden, om mensen te binden en een gevoel van saamhorigheid te geven",
omschrijft zij het belang van de jaarlijkse herdenking.
"Mensen moeten weer blij zijn met elkaar."