Plaquette Gerrit van der Veen
In zijn woonhuis aan de Zomerdijkstraat 22
| In dit huis woonde en werkte verzetsstrijder Gerrit van der Veen. | ![]() |
Hij wilde zijn beulen recht in de ogen kijken
Daar stond hij dan, verlamd als hij was, vastgehouden door twee vrienden.
Duitse soldaten stonden klaar om hen dood te schieten.
Fusilleren heette dat in de oorlog.
Hij wilde zijn beulen recht in de ogen kijken als ze op hem zouden richten.
Om te zeggen hoe onrechtvaardig het was.
Hij had alleen maar goede dingen gedaan.
Toen de Duitsers in 1940 Nederland binnenvielen was Gerrit vreselijk kwaad. Wat deden die Duitsers in zijn land. Wat hadden ze daar te zoeken. Al snel werd duidelijk dat de Duitsers en hun Nederlandse vriendjes racisten waren. Zij waren tegen de joden.
Iedereen in Nederland moest bewijzen dat hij geen jood was. Daarvoor moest je een verklaring tekenen: een “Ariërverklaring”. Gerrit weigerde dat omdat hij de Joden niet in de steek wilde laten. “Solidair” moest je zijn. Hij maakte voor de Joden valse paspoorten.
Maar Gerrit van der Veen deed nog meer.
Het bevolkingsregister in de fik
In het bevolkingsregister stond precies opgeschreven waar de Joden in Amsterdam woonden. Dat vonden de Duitsers wel zo makkelijk. Zo konden ze de Joden snel vinden en oppakken om ze naar Duitsland te brengen. Daar werden ze in kampen opgesloten voordat ze om het leven werden gebracht.
Gerrit en zijn vrienden dachten: “Wij gaan het bevolkingsregister in de fik steken. Dan kunnen de Duitsers tenminste niet meer vinden waar de Joodse mensen wonen”. Op 27 maart 1943 stak een verzetsgroep onder leiding van Gerrit met behulp van springstoffen het Amsterdamse bevolkingsregister in brand.
Natuurlijk kom je je vrienden te hulp
Zijn vrienden werden daarbij gevangen genomen, maar Gerrit ontsnapte.
Hij wilde zijn vrienden natuurlijk te hulp ko
men en probeerde hen te bevrijden uit de gevangenis. Daarbij raakte hij zwaar gewond.
Door zijn verwonding raakte hij verlamd. Dus vluchten kon niet meer en heel snel daarna werd hij gearresteerd en ter dood veroordeeld.
Om hem dood te schieten brachten ze hem op 10 juni 1944 naar de duinen bij Overveen. Hij wilde absoluut staande sterven. Zijn vrienden die ook werden gefusilleerd hielden hem overeind. Zo kwam een dapper man aan zijn einde.
Een liggende bronzen figuur
Aan de Plantage Middenlaan, in het plantsoen van de Plantage Westermanlaan bevindt zich een monument, een liggende bronzen figuur die het kunstenaarsverzet in herinnering brengt.
Daarbij staan de woorden van Gerrit van der Veen:
“Wat doe jij, nu je land wordt getrapt en geknecht........?"



